(2016) Regionale prognose 2016-2040 (PBL en CBS)

22 september 2016 door PBL, CBS in categorie Kerncijfers

Steden blijven groeien
De bevolking van de vier grote steden zal de komende decennia naar verwachting sterk blijven groeien. Ook voor de meeste middelgrote gemeenten wordt een stijging van het inwonertal voorzien, terwijl veel kleinere, vooral ruraal gelegen, gemeenten verder zullen krimpen. Vrijwel overal zal het aantal huishoudens blijven toenemen. Dit blijkt uit de Regionale bevolkings- en huishoudensprognose 2016, opgesteld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
De grootste bevolkingsgroei wordt verwacht voor de vier grote steden, die in 2030 gemiddeld 15 procent meer inwoners dan in 2015 zullen tellen. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, zijn samen goed voor een derde van de Nederlandse bevolkingsgroei per saldo tot 2030. Ook buurgemeenten van deze steden zullen groeien, evenals de middelgrote steden Almere, Haarlem, Haarlemmermeer en Amersfoort. Vooral kleinere gemeenten zullen hun bevolking verder zien afnemen.
In vrijwel alle gemeenten zal het aantal huishoudens toenemen, in totaal tussen 2015 en 2030 rond 700 duizend extra huishoudens. Dit betekent dat bijna overal in Nederland nog extra woningen moeten worden gebouwd. Alleen in Noordoost-Groningen en Zeeuws-Vlaanderen stokt de groei of treedt zelfs krimp op.
De komende 25 jaar vergrijst de bevolking van Nederland sterk. De omvangrijke groep babyboomers bereikt dan de pensioengerechtigde leeftijd. Hier komt bij dat we gemiddeld steeds langer leven. Aan de randen van Nederland, waar zich ook de grootste bevolkingskrimp voordoet, is de vergrijzing sterker dan in de meer verstedelijkte regio’s zoals de Randstad. Binnen de provincie Utrecht treedt de vergrijzing vooral op in de randgemeenten. In de gemeenten Eemnes, Wijk bij Duurstede en Utrechtse Heuvelrug ligt het verwachte aandeel 65plussers in 2030 op 29%.